In het vorige artikel schreef ik over de ‘passanten’ in het amateurvoetbal, waarbij ik naast de trainers ook de zogenaamde ‘clubhoppers’ (spelers die na één of twee jaar de club verlaten) heb genoemd. Collega columnist André van der Voort  besteedde hier onlangs ook aandacht aan, toen hij op de website 0172sport een artikel plaatste over het ‘ronselen’ van spelers binnen de amateursectie.

Gelukkig zijn er naast passanten ook ‘blijvers’ en daarmee bedoel ik vooral de vrijwilligers die ondanks alles hun club jaren lang trouw blijven en kosteloos ‘hand en spandiensten’ verrichten om hun club te helpen. Helaas realiseren wij ons vaak onvoldoende dat vrijwilligers onmisbaar zijn om een vereniging draaiende te houden.
Zij zijn de kurk waarop de vereniging drijft en zorgen er voor dat de club toekomst heeft en houdt. Zij steken de handen uit mouwen vaak onder het motto: vrijwilligheid is geen vrijblijvendheid. Ofwel; aanmelden als vrijwilliger betekent dat je je verplicht aan de club, de toegewezen taken uitvoert en de gemaakte afspraken nakomt. Het maakt daarbij niet uit of je veelvuldig (dagelijks, wekelijks) ingezet wordt of incidenteel (een of meerdere keren per jaar).

De ervaring leert dat bij veel verenigingen de groep vrijwilligers aan het vergrijzen is en dat de werkzaamheden steeds vaker op de schouders van de ‘oudgediende’ vrijwilligers komt te liggen. Bij veel verenigingen krijg ik, tijdens de nababbel aan de bestuurstafel,  te horen dat het steeds meer moeite kost om vrijwilligers te werven. Bij steeds meer verenigingen gaat over tot het ‘afkopen’ van vrijwilligerswerk.

De oorzaak van bovenstaande ontwikkeling is divers. De maatschappij is veranderd: gezinnen bestaan steeds meer uit tweeverdieners, de reistijd voor woon-werkverkeer is vergroot, men maakt langere dagen om prestatiedoelen te realiseren.

Een veel gehoord argument is dat mensen zeggen weinig vrije tijd over te hebben.
Het is ook lang niet altijd een lolletje om vrijwilliger te zijn, met name de interne kritiek op de eigen vrijwilligers maakt het voor velen niet aantrekkelijk om zich aan te melden. Denk bijvoorbeeld aan clubscheidsrechters (die doen het sowieso meestal niet goed), jeugdleiders (waarom staat mijn kind niet in de spits), leden van de jeugdcommissie, (mijn kind hoort in een ander, veelal hoger team) leden van de seniorencommissie (waarom spelen we niet om 12 uur want dan is het hoofdveld vrij) etcetera.  Bovendien wordt er van de vrijwilliger, mede door de strenge wet- en regelgeving van de KNVB en overheid, nogal wat van je gevraagd.

Of neem iemand met een bestuursfunctie. Hoewel de ledenvergadering bepalend is bij besluitvorming en het te volgen beleid, is een bestuurslid verantwoordelijk voor de uitvoering en kan hij daar op persoonlijke titel verantwoordelijkheid bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk aansprakelijk voor worden gesteld.

Trainers en leiders dragen, met name bij het jeugdvoetbal, grote verantwoordelijkheden. Zij zien er op toe dat (jeugd)spelers in een veilige omgeving, zowel fysiek als verbaal, kunnen trainen en spelen en zijn verantwoordelijk voor veilig vervoer van en naar uitwedstrijden. Zij zijn ook vaak de eerste hulpverlener bij blessures en/of andere incidenten.

Barmedewerkers hebben een grote verantwoordelijkheid bij de verstrekking van alcohol en eetwaren. Van hen wordt verwacht dat zij toezicht houden op de leeftijdgrens bij het verstrekken van alcohol, dienen te voorkomen dat er sprake is van overmatig drankgebruik (en dus weigeren om de gevraagde bestelling te leveren), dienen personen aan te spreken op het negeren van een rookverbod, ja zelfs het bakken van een kroket of frikandel is tegenwoordig aan regels onderhevig.

Dan zijn er nog regels v.w.b. het gebruik van alcohol tijdens een wedstrijd. Of het handhaven van een toegangsverbod voor de accommodatie (te vergelijken met een stadionverbod) wat steeds vaker voorkomt n.a.v. geweldsincidenten tijdens en rondom wedstrijden. We verwachten van een vrijwilliger (veelal het bestuurslid horeca en/of accommodatie) dat deze handelend optreedt als supporters zich er niet aan houden, terwijl het formeel een openbare orde probleem is en door de overheid (politie) gehandhaafd zou moeten worden .

Een aantal weken geleden was ik als scheidsrechter te gast bij Vierpolders, een dorpsvereniging op de Zuid-Hollandse eilanden, uitkomend in de 3e klasse zaterdag. Na afloop van mijn wedstrijd sprak ik, onder het genot van een biertje, nog wat na met de sympathieke voorzitter van de club en ook hier kwam het vrijwilligersprobleem al snel ter sprake. Hij was daardoor niet al te positief gestemd over de toekomst van de club.

Dat het gelukkig ook anders kan bleek die avond. Mijn ‘eigen club’ had die avond een medewerkers avond georganiseerd. Wat ik daar zag stond haaks op het sombere verhaal van mijn gastheer van die middag. Ondanks de concurrentie van twee andere voetbalverenigingen in ons kleide dorp) beschikt mijn vereniging over ruim 200 (overwegend jonge) vrijwilligers, die als dank voor hun inzet, op een geweldige avond met live muziek, diverse hapjes en drankjes werden getrakteerd. Een compliment voor het bestuur van de club die kennelijk in staat is om veel mensen te enthousiasmeren iets voor de club te doen. Deze avond was hun blijk van waardering voor al die medewerkers.

De voorzitter (33 jaar jong) sloot in zijn dankwoord af met de woorden: ‘zonder vrijwilligers is er geen club’. Wijze woorden die tot nadenken stemt.  Ga de uitdaging aan, bouw mee aan de toekomst van jouw club en wordt een ‘blijver’ door je aan te melden als vrijwilliger.

Jouw club verdient dat………….en het is nog leuk ook.