De competitie is net begonnen en de hang naar nieuwe spelers is al gestart. Veel scouts op de tribune op zoek naar talent. Katwijk sloeg al vliegensvlug toe: middenvelder Lars Weistra van de Koninklijke werd al voor twee jaar vastgelegd. Dit heeft ook andere verenigingen wakker geschud. In de komende weken zal Twitter vol staan met contractverlengingen en foto’s van trotse nieuwe spelers met het shirt van hun nieuwe club.

Bij onze jeugdteams zal het niet anders zijn. Alphense Boys, UVS, Quick Boys, FC Lisse, Ter Leede; ze zijn allemaal geïnteresseerd in de talenten van de overige clubs. Dit alles om met hun jeugdteams zo sterk mogelijk uit te komen.

Ik ben zelf 10 jaar jeugdtrainer geweest bij vv UDO en vv Oegstgeest en vooral in de beginjaren heb ik me enorm aan scouts en hun clubs geërgerd. Ook heb ik me wel eens tegen deze mensen misdragen. Stond er langs de lijn weer eens “een vreemde met een lange jas”. Ik ging dan naast hem staan en beet hem toe: ,,Zo, ben je weer bezig om onze beste spelers weg te halen, hoepel op, man.” Ik gaf hem nog net geen linkse directe, maar was wel in staat om hem van ons sportpark te verwijderen.

Totdat ik trainer werd van vv Oegstgeest A1. Het team speelde in de vijfde klasse, het niveau was niet hoog. In april kwam er een speler naar mij toe die mij wilde spreken. Hij vertelde mij dat hij zichzelf veel te goed voor dit team voelde en dat hij volgend seizoen voor een andere vereniging koos. Mijn antwoord was: ,,Je hebt helemaal gelijk, moet je doen, jij bent echt veel te goed voor dit team.”

Het seizoen daarna wist ik niet wat er gebeurde: mijn team ging veel beter voetballen en maakte enorme stappen. Die “topspeler” was er niet meer, iedereen kwam veel meer in balbezit, we waren echt een ploeg. Bijzonder was ook dat een groot aantal spelers uit die ploeg jarenlang in vv Oegstgeest 1 en 2 heeft gespeeld.

Vanaf die tijd was het voor mij ook duidelijk dat echte talenten zich niet bij mijn club moesten ontwikkelen, maar moesten trainen en spelen met en tegen goede spelers. Ik nam daarna ook zelf het initiatief om met ouders van talenten te praten en hen het advies te geven om met hun kind naar UVS of Quick Boys te gaan. Zo ging Erik Falkenburg naar UVS en Adil Harfaoui naar Quick Boys. Zij zijn met een warme hand vertrokken, zijn betere voetballers geworden. Hoe mooi was het voor hen om in een team te komen waar iedereen 100% voor het voetbal leefde? Hun teams moesten het nu wel zonder hen doen en daar werden de spelers ook beter van.

Dan is er nog een dingetje. De grote clubs kunnen hierin ook nog wel wat stappen maken. Wel de beste talenten halen, maar niets brengen. Hoe mooi zou het zijn als UVS een samenwerkingsverband aangaat met FC Oegstgeest en bijvoorbeeld drie spelers van UVS interesseert om een of twee jaar in de senioren bij FC Oegstgeest te laten ballen. En wat te denken van Quick Boys en Valken’68. Een enorm voordeel van zo’n samenwerking is dat je er als club drie spelers bijkrijgt die gewend zijn om drie keer te trainen, die beter willen worden. Deze mentaliteit slaat zeker over op andere spelers. Aan tafel heren of dames zo u wilt.

Note redactie: dit was de eerste column van de hand van Laurens Mouter, een nieuwe columnist bij LeidenAmateurVoetbal.nl. En daar zijn wij blij mee en trots op. Dat behoeft geen verdere toelichting gezien zijn staat van dienst..

1 REACTIE

  1. Kijk, dat is waar we voor staan en wat goed is voor elke voetballer: voetballen op je eigen niveau en meer samenwerking zodat je je na je avontuur ook weer welkom voelt bij je oude club als je dat zou willen. Daarnaast zouden scouts meer moeten kijken of iemand echt met kop en schouders boven de rest uitsteekt want het levert alleen maar verlies op dat een speler bij zijn maatjes weg wordt “ gehaald” en met vreemde spelers moet leren omgaan. Bovendien wordt het voor de ontvangende club veel moeilijker om een goede “ teamsfeer” te creëren, elke gehaalde speler heeft immers niet het clubgevoel dat ze bij hun oude club hebben opgebouwd.

Comments are closed.