Met vijf punten uit vier wedstrijden neemt UVS voorlopig een achtste positie in op de ranglijst van de tweede klasse C. Het is een verrassing en misschien ook teleurstelling voor iedereen die de blauw-witten als kampioenskandidaat nummer een beschouwde. Ook binnen de club leefde de veronderstelling dat UVS vanaf wedstrijd 1 een hoofdrol zou spelen. ‘UVS maakt verwachtingen niet waar’ zou dan ook een voor de hand liggende samenvatting zijn voor de prestaties van de club tot dusver.

Thijs de Roy van Zuydewijn erkent dat er een kern van waarheid zit in die uitspraak, maar plaatst direct ook nuances: ,,Ook de spelers en de staf hadden meer verwacht natuurlijk, maar om ons nu al af te schrijven is het wel erg vroeg. Vier gespeeld, tweeëntwintig te gaan nietwaar? De voetballende potentie binnen de groep is groot. De selectie is breed, dus ik weiger zelf de ambities terzijde te schuiven en te gaan voor bijvoorbeeld ‘een plekje bij de bovenste drie’ of zo. Ik wil die eerste plek aan het eind van de competitie.”

De van origine middenvelder (op de foto als back in een oefenduel tegen Sporting Leiden) wil de blessures die de club troffen niet als hoofdoorzaak aanwijzen: ,,Dat zou te makkelijk zijn. Het werkt vanzelfsprekend allemaal niet mee dat je spelers mist, maar de groep kan de afwezigheid van een Boris Müller of van mezelf best opvangen. Ik zoek de oorzaak toch meer in het mentale vlak.”

De Roy van Zuydewijn haalt de wedstrijd tegen DoCoS aan als voorbeeld: ,,DoCoS streed tot de laatste snik en daar zag ik de pure wil om voor elkaar door het vuur te gaan en de bereidheid tot de grens te gaan en misschien soms daar overheen. Dat missen wij in mijn optiek nog wel eens. We missen straatschoffies in de goede betekenis van het woord.”

Waar de student fysiotherapie de vinger op legt is een gemis dat UVS door de jaren heen treft. Het voetbal is verzorgd, maar de absolute wil om te winnen ontbreekt. De Roy van Zuydewijn nog eens: ,,Ik denk dat UVS in principe beschikt over de beste voetballers in deze klasse. Dat blijkt tot dusver niet genoeg. Aan de trainers ligt het niet, het moet echt vanuit de spelers komen. Tegen Westlandia konden we ons echt voetballend uitleven, tegen Vitesse Delft en DoCoS wordt er meer verwacht. Ik denk dat het wijze lessen zijn geweest, waar we in de rest van het seizoen van kunnen profiteren.”

Het verbod op wedstrijden en trainingen met de groep heeft UVS in de ogen van de middenvelder prima opgelost: ,,We trainen nu in groepjes van vier met drie trainers, dus er zijn twaalf man tegelijk aan het werk in een sessie van pakweg veertig minuten. Dan komen de volgende groepjes aan de beurt. Dat trainen gaat dan ook echt zeer intensief. We moeten zien dat we als fitste groep uit deze stop komen. Dat én een betere mentale instelling én de terugkeer van de geblesseerden geven mij de overtuiging dat UVS mee gaat doen aan de strijd om het kampioenschap.”

Dan nog even over zijn achterna(a)m(en):  ,,Alle grappen heb ik zo langzamerhand wel gehoord, dat ik van adel ben of dat ze mijn naam geaffecteerd uitspreken en zo. Ik kan er zelf ook nog wel om lachen hoor en in de kleedkamer blijkt ‘De Roy van Zuydewijn’ nog wel eens goed voor een glimlach. Voetbalhumor hoort er bij vind ik.”