Tijdens een bijeenkomst over de coronamaatregelen vroeg een spreker bij aanvang of hij eerst een kort filmpje mocht tonen. Hoogstwaarschijnlijk hadden we het fragment al eens gezien, maar toch, het bevatte een methode om snel tot de kern van de zaak te komen. Hij voegde eraan toe dat de maker van het filmpje Maxim Hartman is, acteur en presentator.

Het filmpje start. Links in beeld staat Hartman, rechts een deftige oude heer. Ze kijken elkaar aan. De kleine ruimte is volgepakt met klassieke schilderijen, kasten, kroonluchters en andere kostbaarheden. Dan draait Hartman zich plotseling om naar de camera en zegt in de lens: “Genoeg over seks, we gaan het hebben over antiek. Wat is antiek eigenlijk?”

Nauwelijks van zijn stuk gebracht, tilt de man een Delftsblauw mandje in de lucht alsof het de KNVB-kampioensschaal is. Je ziet hem daarbij naar de juiste woorden zoeken: “Dit is een heel mooi mandje, gemaakt door de firma Tichelaar. Het werd gebruikt op tafel. Als versiering, een fruitmandje”.

“Veel te lang,” zegt Hartman droog. “Korter graag”.

Met grote ogen kijkt de man in de camera en begint opnieuw: “Mandje van Tichelaar, gemaakt in Makkum”.

‘Nu goed?’ Zie je de man denken.

“Nog korter”, zegt Hartman.

“Mandje van Tichelaar”, oppert de man bedremmeld.

“Nog korter! Kort!” klinkt het.

“Mand!” zegt de man.

Daarna gaat het beeld op zwart.

“Door zaken nodeloos ingewikkeld te maken, kan er oeverloos over worden doorgeëmmerd”, vertelt de spreker na afloop. “Als dat zover is, roep je gewoon: ‘mand!’”

Tureluurs

Toen we dit weekend na een hemeltergend lange periode weer eindelijk het veld in mochten, schoot ‘de mand’ een paar keer door mijn gedachten. Want als je niet oppast, word je tureluurs van alle richtlijnen, overleggen en goedbedoelde adviezen. Helemaal als je vrijwilliger bent en je in je vrije tijd de vereniging nog ‘even’ coronaproof moet maken. Een monsterklus. Niet voor niks sprak De Telegraaf over een ‘gigantische logistieke operatie met honderdduizend vrijwilligers’.

Van die vrijwilligers heb ik de mooiste verhalen voorbij zien komen. Onvermoeibaar is er gewerkt aan looplijnen, tenten bij kantines en tot kleedkamer omgebouwde containers. Werkelijk alles is uit de kast gehaald om de anderhalve meter te waarborgen. Met een energie en kracht die alleen in het voetbal naar boven kan komen. Daar ben ik trots op en wil ik jullie namens alle collega’s bij de KNVB hartelijk voor bedanken.

Strakke orders

Toch zie ik ook dat clubmensen aan de ene kant vrijheid willen, maar aan de andere kant strakke orders uit Zeist (of van hun bestuur) verlangen. Zeker als er paniek uitbreekt en er een besmetting wordt geconstateerd. Dan kun je erop wachten dat er met vingertjes wordt gewezen, naar de overheid, naar de gemeente en ook naar ons. Want dan zijn de protocollen opeens te lang, is de informatie te onduidelijk en houdt geen hond van de tegenpartij zich aan de regels.

Begrijp me niet verkeerd, natuurlijk snap ik de zorgen, niemand wil een coronabesmetting binnen de club, laat staan een superspreader zijn, toch is het belangrijk om niet te gaan wijzen. Mijn oproep is daarom simpel: blijf logisch nadenken en volg de basisregels. Mocht je dan toch voor keuzes komen te staan waar je het Spaans benauwd van krijgt, neem dan direct contact op met de KNVB. Laten we vooral samen, als één voetbalfamilie, er het mooiste van zien te maken. Want dat we het zwaar gaan krijgen, is duidelijk. Maar verenigd kunnen we dit ingewikkelde seizoen aan en dan helpt het misschien om af en toe ‘mand!’ te roepen.

Succes en sterkte allemaal.

Jan Dirk van der Zee, KNVB