Naast gemiste kansen zijn de absolute hoogtepunten in een wedstrijd datgene waar het spel voor bedoeld is en waar mensen voor naar het stadion komen of voor de buis gaan zitten: het scoren van doelpunten. Het vieren van een doelpunt, met name de euforie die na het scoren van een goal bij spelers en supporters losbarst, hoort tot de ultieme beleving van een wedstrijd.

Het veroorzaakt zowel op het veld als op de tribune bij de aanwezigen vaak een kortstondige stijging van adrenaline, hartslag en bloeddruk. Niet alleen spelers maar ook volslagen onbekenden op de tribune vallen elkaar dolgelukkig in de armen of slaan elkaar uit puur enthousiasme bijkans een schouderbreuk.

Premier League tickets

De huidige buitenspelregel doet ernstig afbreuk aan dit plezier. Na het scoren van een goal wordt eerst zorgvuldig gecontroleerd of er sprake is van buitenspel bij het scoren of het voorbereiden van een doelpunt. Op zich is daar niets mis mee want deze controle waarborgt een eerlijk verloop van de wedstrijd. Maar zowel in het stadion als voor de buis is het daardoor vaak minutenlang gespannen afwachten of de goal die zojuist uitbundig werd gevierd ook daadwerkelijk telt. Omdat dit tegenwoordig millimeterwerk is ontkomen we daar helaas niet aan.

Maar ik vraag mij af of de oorspronkelijke essentie van de buitenspelregel onderhand niet helemaal uit het oog verloren is. Ooit werd deze regel ingevoerd om te voorkomen dat ploegen een speler ver op de helft van de tegenpartij hielden die dan na een bewuste of onbewuste lange bal vanuit zijn verdediging alleen voor de keeper werd gezet en kon scoren; het zogenaamde goaltje pissen. Op zich was het logisch om een regel in te voeren om dit te voorkomen.; de buitenspelregel was geboren.

De oorspronkelijke regel was vrij eenvoudig en voor iedereen te begrijpen. Een speler moest op het moment dat de bal in zijn richting werd gespeeld tenminste twee verdedigers voor zich hebben, of op gelijke hoogte staan met de voorlaatste verdediger om niet buitenspel te staan. De stand van de voeten was daarbij bepalend. Simpeler kon het eigenlijk niet.

In de loop der jaren is de regel diverse malen aangepast waardoor deze er niet makkelijker maar ook voor de attractiviteit van het voetbal niet aantrekkelijker op is geworden. Momenteel geldt dat een speler in buitenspel positie staat als er ‘enig deel van zijn lichaam waarmee een geldig doelpunt kan worden gescoord’ zich dichter bij de achterlijn bevindt dan de voorlaatste speler. Simpel gezegd; elk lichaamsdeel met uitzondering van de armen en handen is daarbij bepalend.

Gebleken is dat deze aanpassing overduidelijk in het voordeel van de verdedigende partij uitpakt. Immers; het ene na het andere doelpunt werd, na uitgebreide bestudering van de beelden, afgekeurd omdat de doelpuntenmaker of de aangever zelfs maar met zijn grote teen buitenspel stond. Vriend en vijand is het er over eens dat dit nooit de bedoeling van de spelregel kan zijn. Het gaat ten koste van het aanvallend voetbal, van veel doelpunten en dus ook van veel plezier bij de supporters.

Deze zomer had ik mijn hoop gevestigd op een wijziging in die zo langzamerhand door iedereen verfoeide buitenspelregel. Helaas zullen we het minstens een seizoen weer moeten doen terwijl onderhand iedere voetballiefhebber er klaar mee is dat deze tot gevolg heeft dat er de afgelopen jaren de ene na de ander goal werd geannuleerd.

Het is makkelijk om commentaar en/of kritiek te leveren zonder een oplossing aan te dragen. Hoe het anders kan? Ik had gehoopt dat de IFAB de regel zou aanpassen in de geest waarin men de instructie voor doelverdedigers bij het nemen van een strafschop heeft aangepast. Deze moet tegenwoordig, bij het trappen van de bal, tenminste een voet op of boven de doellijn houden.

Maak bij buitenspel de positie van de voeten weer leidend en bepaal dat wanneer er tenminste een (deel van de ) voet van de doelpuntenmaker of aangever zich op gelijke hoogte bevindt met de voet(en) van de voorlaatste verdediger er geen sprake van buitenspel is.

Wat levert dat op? Het voetbal wordt attractiever. Meer doelpunten; ga zelf maar eens na hoeveel goals er de afgelopen jaren zijn afgekeurd die met deze aanpassing wel zouden zijn goedgekeurd. En doelpunten scoren is  immers de essentie van het spel.

Neemt dit alle discussies weg? Nee; die zullen er altijd blijven maar, net als ooit bij invoering van de buitenspelregel van toepassing was, wordt het voordeel van de twijfel dan in ieder geval aan de aanvallende partij gegund.

Niet elke kans in de wedstrijd is raak. Maar naast het scoren van doelpunten geniet het publiek bijna even veel wanneer hun favoriete club kansen creëert als dat een kans gemist word, is zowel op het veld als op de tribune of in de huiskamer de teleurstelling merkbaar en voelbaar.

Door de huidige regel in stand te houden zullen er het komend seizoen tot teleurstelling en verdriet van de liefhebber naar alle waarschijnlijk weer veel (mooie) doelpunten worden afgekeurd. In een tijd dat de IFAB van alles verzint om het voetbal aantrekkelijker te maken vind ik het handhaven van de regel daarom een schoolvoorbeeld van een gemiste kans.

Voormalig docent en onderwijsmanager aan de Politieacademie, actief scheidsrechter voor de KNVB, ruim 12, 5 jaar actief geweest in de top van het amateurvoetbal. -Voormalig docent arbitrage bij de KNVB, voormalig trainer en jeugdleider, voormalig voorzitter van zondag 2e klasse ESTO. Reageert kritisch en direct op ontwikkelingen binnen het (amateur) voetbal en benut daar columns voor die regelmatig te lezen zijn op LAV.