Iedereen kent ‘Het dorp’ van Wim Sonneveld wel. In het melancholische lied uit de jaren’60 wordt met weemoed teruggekeken naar die goede oude tijd, toen de mensen nog naar elkaar omkeken. Sinds het uitkomen van het lied is de wereld drastisch veranderd. Het is allemaal sneller, oppervlakkiger en egoïstischer. Sommige plaatsen echter blijven zelfs in 2025 een bolwerk van verbinding. Het dorp Woubrugge is zo’n plaats. Het ligt verstopt in het Groene hart, aan de oever van het Braassemermeer. De ruim 3.700 inwoners van Woubrugge kennen elkaar.
Dat het verenigingsleven een belangrijke plaats inneemt in het dorp, is een understatement. En dat de plaatselijke voetbalvereniging een vaste waarde vormt binnen de lokale sociale structuur, is een feit. Als er één club is die het DNA van haar omgeving draagt, dan is dat vv Woubrugge wel. Hoog tijd daarom om extra aandacht te besteden aan deze gewaardeerde LAV-partner.
Tot begin 19e eeuw stond het gebied rond het dorp Woubrugge bekend als de ‘Heerlijkheid van Esselijkerwoude en Heer-Jacobswoude’. Toen in 1811 de gemeente als bestuursvorm werd ingevoerd, werd Woubrugge een zelfstandige gemeente met hetzelfde gebied als deze heerlijkheid. In 1855 werd Hoogmade aan Woubrugge toegevoegd. Als een gemeente met twee dorpen bleef Woubrugge bestaan tot 1 januari 1991. Op die datum fuseerden de gemeenten Woubrugge, Rijnsaterwoude en Leimuiden tot Jacobswoude. De nieuwe gemeente was genoemd naar het verdwenen dorp Jacobswoude. Achttien jaar later, op 1 januari 2009 werd deze gemeente samengevoegd met de gemeente Alkemade. Ze vormen vanaf die datum de gemeente Kaag en Braassem. In Woubrugge werden diverse bekende personen geboren. De wieg van de laatste Elfstedenwinnaar Henk Angenent stond er, evenals die van Margot Boer (schaatster) en Malou Petter (journaliste).
En dan vv Woubrugge. Op ruim 600 meter van de beroemde Hervormde Dorpskerk ligt het plaatselijke voetbalcomplex. De thuishaven aan de Bateweg is voorzien van twee natuurvelden, een kunstgrasveld en een klein ukkenveld voor de jongste jeugd. Woubrugge werd op 24 juli 1946 opgericht. Rond 1930 bestond al een club in het dorp met de naam vv Dindoa (Door inspanning nuttig, door ontspanning aangenaam), maar pas na de oorlog werd het serieus en werd Japie Schijf de eerste voorzitter.
Meteen aan het begin werd voor de nog altijd bestaande groen-witte kleurencombinatie gekozen. De vereniging groeide, breidde haar activiteiten uit en werkte hard om haar accommodatie gelijke tred te laten houden met de behoefte. Op de bestuursvergadering van 9 oktober 1974 werd besloten dat op trainingsavonden geen bier meer mocht worden verkocht. Deze drooglegging hield niet lang stand. De velden werden vaak afgelast, waardoor een periode moest worden uitgeweken naar Sportpark De Bijlen in Alphen aan den Rijn. In de loop van de tijd bivakkeerde de hoofdmacht tussen de derde klasse van de KNVB en de tweede klasse van de Leidse Voetbalbond (LVB). Na de degradatie van het eerste in 2024, neemt het eerste nu een stabiele plaats in de subtop van de vijfde klasse in.
Voorzitter van Woubrugge is de 71-jarige Loek Venker. Vol enthousiasme en trots praat hij over zijn vereniging.
‘In oktober 2022 ben ik voorzitter van vv Woubrugge geworden. Dat betekent dat in het najaar mijn termijn van drie jaar afloopt. Ik kwam hier bij de club terecht via mijn kinderen en kleinkinderen. Hans Boer stopte destijds met het voorzitterschap, waarna het balletje ging rollen. Ik heb er geen spijt van, want het is een geweldige vereniging. Daarnaast ben ik een echte voetballiefhebber. Zelf ben ik op mijn tiende jaar begonnen bij RCL. Ik ben linkspoot, maar heb altijd gekeept. Ik was op een gegeven moment de buurman van de bekende trainer Freek Filippo, die haalde mij naar Rijpwetering. Uiteindelijk heb ik ook nog een paar jaar in de veteranen van Kickers’69 in Leimuiden gekeept. Ik kijk met heel veel plezier op mijn actieve jaren terug.’
‘Woubrugge is een voetbalclub waar rust en gemoedelijkheid belangrijke waarden zijn. Binnen deze vereniging kijken wij nog oprecht naar elkaar om. De sociale structuur is onze basis. Uiteraard willen wij zo hoog mogelijk spelen met onze teams, maar de gezelligheid is net zo belangrijk. Die medemenselijkheid zie je ook in het dorp. Met veel overgave worden hier bijvoorbeeld Oekraïners opgevangen, waarvan de kinderen ook gewoon bij onze club kunnen voetballen. We komen elkaar hier overal tegen: bij de supermarkt, op school of bij het uitlaten van de hond. Onze vereniging heeft op dit moment ongeveer 500 leden. De grootste groei zit bij de jeugd en bij de dames. Wij willen de voorzieningen uiteraard actueel houden. Na Pasen gaan wij aan de slag met een nieuw kunstgrasveld. De oude mat is al twaalf jaar oud, dus die is hard aan vervanging toe. Komende zomer worden de kleedkamers opgeknapt. Wat in veel opzichten fijn is, is dat onze relatie met de gemeente Kaag en Brasem heel goed is.’
‘Ons eerste elftal stond vorig seizoen lang onderaan in de vierde klasse, maar staat nu in de subtop van de vijfde klasse. De groep is erg jong en bestaat uit jongens die in onze eigen jeugd hebben gespeeld en nu een mooie ontwikkeling laten zien. Het zou mooi zijn als wij op termijn weer in de vierde klasse kunnen spelen, maar daar zit geen enkele druk op. Dit seizoen zijn wij thuis nog aangeslagen. Vooralsnog blijft de hele groep in takt volgend jaar, dus dat is hoopvol. Ik vind overigens alle elftallen belangrijk. Ik ga regelmatig op zaterdag in alle vroegte bij de jeugd kijken, want de jongens onder 8 bijvoorbeeld zijn voor mij net zo belangrijk.’
‘De functie van voorzitter vraagt veel, maar ik vind het leuk. Ik ben iedere zaterdag op de club, daarnaast vergadert het bestuur een keer per maand. Doordeweeks heb ik regelmatig verplichtingen, maar dat zijn losse activiteiten. Ik ben met pensioen, waardoor ik iets meer tijd beschikbaar heb. Ik was vroeger werkzaam in het Openbaar Vervoer. Daar ben ik in 1978 begonnen en heb ik tot mijn pensioen gezeten. Daarnaast heb ik 17 jaar voor Omroep West gewerkt, waar ik onder andere ADO Den Haag volgde. Nu gaat mijn aandacht naar vv Woubrugge. Of ik doorga als voorzitter weet ik nog niet, maar daar heb ik nog enige bedenktijd voor.’
Woubrugge is een club met heel veel vrijwilligers. Dat is een unicum anno 2025, nu diverse verenigingen zelfs omvallen vanwege een gebrek aan kader. Woubrugge is een moderne club met eigentijdse voorzieningen, maar past in sociaal opzicht nog steeds in het beeld van ‘Het dorp’ van Wim Sonneveld:
Thuis heb ik nog een ansichtkaart waarop een kerk een kar met paard, een slagerij J. van der Ven
Een kroeg, een juffrouw op de fiets
Het zegt u hoogstwaarschijnlijk niets, maar het is waar ik geboren ben
Dit dorp
Ik weet nog hoe het was
De boerenkind’ren in de klas
Een kar die ratelt op de keien
Het raadhuis met een pomp ervoor
Een zandweg tussen koren door
Het vee, de boerderijen