Volop positieve reuring bij de voetbaltak van ASC: het vlaggenschip promoveerde naar de 2e klasse, veel jeugd-en seniorenteams deden mee om het kampioenschap, de overige teams, inclusief drie damesteams en drie veteranenteams, presteerden ook naar behoren en aanstormende (jeugd-)talenten lijken klaargestoomd om door te stoten naar een vaste plek in de selectie. Verder is er het plan om komend seizoen op vrijdagavonden te starten met ‘walking football’ en 7 tegen 7-voetbal voor 35-plussers. En dat is nog niet alles, want Renate Jansen, voormalig verenigingsmanager van ASC, maakt deel uit van de Oranje Leeuwinnen, die momenteel in Frankrijk strijden voor het hoogst haalbare, het Wereld Kampioenschap Vrouwenvoetbal.

Nog meer opvallend nieuws: ASC neemt ook nog met een team deel aan een ‘wilde competitie’: Klassieke Veteranen. Los van de KNVB wordt er op zaterdagmiddag gespeeld door mannen van ruwweg tussen de 35 en 50, ze zijn niet meer piep, ook niet stok. Ze hebben met elkaar gemeen dat ze op niveau hebben gevoetbald, nog hartstochtelijk van het spelletje houden en graag binnen de lijnen komen tegen soortgelijke collega’s van roemrijke clubs als Ajax, Sparta, Koninklijke HFC, HVV en Quick. Aanjager van de Klassieke Veteranen en van nog veel meer bij ASC is Nanno Benninga. Nanno Benninga? Ja, Nanno Benninga! Wie is Nanno Benninga? Een meer dan bezeten liefhebber van voetbal, die zijn hele leven al voetbalt. Vertel!

Bloed aan de paal

,,Ik kom uit een familie waar iedereen altijd koos voor hockey, louter en alleen voor hockey. Voor andere sporten was en is er veel minder belangstelling. Maar het was al heel vroeg duidelijk dat ik met die traditie zou breken”,  begint Nanno. Hij is 51 jaar, afgetraind, soepel bewegend en pratend met een aanstekelijk enthousiasme. Hij weet nog precies wanneer zijn levenslange liefde voor het spel met de bal begon. ,,Ik maakte een wandelingetje met mijn ouders, toen we langs een voetbalveld kwamen waar een wedstrijd aan de gang was. Ik rukte me los en rende zo het veld in om mee te doen. Hoe oud ik toen was? 2 jaar! Sindsdien is voetballen vrij belangrijk in mijn leven, ja, al 49 jaar.”

Het is dus geen verrassing dat Huize Benninga, riant gelegen aan een lommerrijke Oegstgeester laan, voetbal ademt. Ook de aangenaam ogende, spontane en goedlachse Jolande, Nanno’s vriendin, voetbalt bij ASC; rechtsbenige zoon Niels acteert als linksachter in ASC JO17-1 en dolt tegenstanders met zijn Robbiaanse acties; het actieve voetballeven van Niels’ grote broer Max staat on hold, hij focust op zijn studie in Delft. Daarin verschilt Max op dit moment nog van zijn vader, die in zijn Leidse studententijd ‘een beetje studeerde, een  beetje feestte en heel veel voetbalde, een losbandig leven, met ook nog werk achter de bar van studentenkroeg Odessa.’

Ook vriendin Jolande speelt haar partij voetbal met verve bij ASC.

Met dat losbandige viel het vast wel mee, want in die studietijd wisten de Leidse studenten, met Nanno en nog een paar LSVV’ers toch maar mooi Nederlands Studenten Kampioen te worden. Bij LSVV’70 (Leidse Studenten Voetbal Vereniging), waar Nanno ook voorzitter is geweest, heeft hij een plezierige tijd gehad. Totdat het halve eerste elftal stopt met prestatievoetbal en de andere helft afstudeert (destijds moest je dan weg bij LSVV’70). Er wordt meteen een nieuw team opgericht: Nanno en zijn vrienden gaan dit keer naar UVS. Het wordt een muzikale entree: op een CD wordt door het vriendenteam een aantal meezingers vastgelegd en een deel van de aangrijpende tekst van het nummer ‘Bloed aan de paal’ is de basis van het clublied dat ze bij LSVV ’70 nu nog altijd zingen.

Het 3e elftal van UVS, geprint op een kussentje. Een aardig grapje van de van LSVV’70 overgekomen spelers.

De studenten en ex-studenten, met hun niet-geringe ambities, voetbalvaardigheden en amusementswaarde, maken na de overstap nog jarenlang plezier met elkaar, eerst als UVS 4, dan zelfs even als UVS 3 (getraind door niemand minder dan Gerard Désar) en tot slot als UVS 5. Daarna vliegt iedereen uit en is de koek bij UVS op. Nanno stapt dan over naar ASC, speelt daar tot zijn eigen verrassing een seizoen in het eerste en haalt vervolgens een aantal voetbalmaten uit de UVS-tijd over om een nieuw vriendenteam te beginnen. Maar net als het team lekker draait, verhuist Nanno weer…

Nanno laat het LeidenAmateurVoetbal-team luisteren naar Bloed aan de paal. Hij geniet er nog steeds van.

Overal thuis

,,Ik heb overal en nergens gewoond en gevoetbald”, vertelt hij. De reden van de verhuizingen in zijn jeugd was het werk van vader Benninga bij de Heidemaatschappij – nu Arcadis. Met enige regelmaat werd hij overgeplaatst. Als kind woonde Nanno bijvoorbeeld in de gemeente Hummelo & Keppel, bakermat van de popgroep Normaal in de Achterhoek en basis van voetbalclub H & K.

1975. Nanno Benninga speelt bij H & K; hier maakt hij op de kermis indruk met zijn feestelijk versierde fiets.

Voor veel (opgroeiende) kinderen betekent verhuizen afscheid nemen van vriendjes. Dat gold ook voor Nanno, maar gelukkig was er altijd het voetbalveld, daar werden snel nieuwe vriendschappen gesloten. Als de Benninga’s zich weer op een nieuwe plek hadden gesetteld, sloot Nanno zich weer aan bij de plaatselijke voetbalclub. ,,Ik kon en kan me vrij makkelijk aanpassen.”

1980. Speler van de D1 van Koninklijke HFC (staand, tweede van rechts).

Zo voetbalde hij ook in de kleuren van de Koninklijke HFC in Haarlem en scoorde daar in de E-tjes ooit 60 goals in 11 potjes. ,,Toen heb ik de VI een briefje gestuurd”, herinnert hij zich. ,,Of ze dat in het blad wilden zetten. Natuurlijk nooit antwoord op ontvangen…”. Na de volgende verhuizing ging Nanno bij de amateurs van Wageningen spelen, bij de proftak van die ooit roemruchtige club speelden mannen als Jan van Halst, Dick Schoenaker en Epi Drost.

In de interregionale jeugdselectie van Wageningen, spelend tegen clubs als NEC en Vitesse (staand, tweede van links, naast de coach)

De tekst van het liedje Any place I hang my hat is home lijkt voor Nanno te zijn geschreven, prachtig door Frank Sinatra gezongen en verklankt door het orkest van Nelson Riddle. Na Wageningen zat hij voor een uitwisselingsprogramma een jaar in Canada, daar gaf hij voetballes aan enthousiaste kinderen en speelde hij voor de Saskatoon Eagles. En tijdens zijn studententijd in Leiden zat hij weer een half jaar in Frankrijk en voetbalde hij nog even snel in het universiteitsteam van Poitiers. Over zijn tijd in Canada: ,,Het voetbal zoals wij dat hier spelen en daar soccer wordt genoemd, is totaal anders dan American Football, dat was niks voor mij, blessuregevoelig als ik ben. Veel te ruw en rauw, meedoen zou vragen zijn om problemen.”

‘Weet je, je kan een leven lang voetballen. Na de Klassieke Veteranen wil ik weer naar de andere veteranen en tot slot walking football.’

Na zijn school- en studietijd en na zijn eerste periode bij ASC verkaste Nanno naar de Hoekse Waard, daar voetbalde hij bij Heinenoord en in een vriendenteam bij Excelsior, de net uit de Eredivisie geduikelde Rotterdamse club. Maar Leiden & omgeving bleef trekken en na al die omzwervingen landde hij – zal het definitief zijn? – in het Oegstgeestse.

Elite competitie

,,Ik ben verslaafd aan voetbal”, bekent Nanno, bijna overbodig. Zoals hij over voetbal praat, is geen sprake van passie, eerder van een gen. ,,Terug in Oegstgeest ben ik weer bij ASC gaan voetballen en nu zit ik dus bij de Klassieke Veteranen.” Het fenomeen Klassieke Veteranen Competitie wordt rond 1930 geboren, wanneer veteranen van ‘nette clubs’ besluiten buiten de KNVB om een eigen competitie op te zetten. Deelnemende clubs zijn AFC, UVV Black Devils, Koninklijke HFC, HVV Quick, HBS, VOC, Hercules, Kampong en Victoria. Later komen Sparta en Ajax de ‘elite competitie’ versterken. ,,Sinds 2017/2018 heeft ASC de eer om mee te mogen spelen”, vertelt Nanno. ,,Waardoor de competitie nu uit 14 teams bestaat? Wat is zo bijzonder aan Klassieke Veteranen? Al die bijzondere en traditierijke clubs die meedoen. Verder is het vriendschappelijke karakter van deze competitie uniek.” Dat laatste blijkt uit een ontvangst met koffie voor de gasten en het serveren van drankjes en hapjes tijdens de derde helft. Je reinste gastheerschap. Nanno: ,,De wedstrijd duurt 2 x 40 minuten, ooit was dat 2 x 30 minuten, toen waren ook slidings verboden, nu niet meer.”

Het gaat nog niet 100% met de ASC Klassieke Veteranen. Nanno is daar eerlijk en open in: ,,We zijn opnieuw in de onderste regionen geëindigd, een aantal wedstrijden is met grote cijfers verloren. Dat motiveert niet. En bovendien kan je als club weer uit deze wilde competitie worden gegooid als je jarenlang onderaan bungelt. ,,Dat mag niet gebeuren en dat hoeft ook niet te gebeuren”,  vindt Nanno. Hij hoopt op een rooskleuriger toekomst voor dit unieke team in de Leidse regio. ,,Nu ASC 1 en selectiejeugdteams hoger gaan spelen, wordt de vijver voor de toekomst gevuld.  Ben je prestatievoetballer ‘op leeftijd’, wil je afscheid nemen van het eerste, maar toch lekker en redelijk prestatief blijven voetballen? Dan is aansluiten bij de Klassieke Veteranen een goede volgende stap in je carrière. Ruben Dutrieux, dit seizoen nog verrassend topscorer van ASC 1, zou bijvoorbeeld uitstekend passen bij deze groep. Ook lopen er oud-spelers van het eerste in ons 4e elftal, ook die passen perfect bij ons.”

Plaatjes van alle voetballers van ASC konden gespaard en ingeplakt worden in een album. Ook de plaatjes van de Klassieke Veteranen.

Dan vat hij samen welke spelers de toekomst van de Klassieke Veteranen moeten waarborgen: ,,Bij voorkeur spelers in de categorie van 35-45 jaar die als senior prestatievoetbal hebben gespeeld, die van gezelligheid houden en beschikbaar zijn op de zaterdagmiddagen. En: Op woensdagavond kunnen trainen, om na afloop daarvan aan de bar de komende tegenstander te bespreken en de wereldproblemen op te lossen.” Een flinke steun in de rug van de rest van de club zou Nanno wel toejuichen: ‘hoe breder het draagvlak binnen de club hoe beter.’ Meedoen in de Klassieke Veteranen Competitie is immers een eer voor heel ASC.

Lobbyen bij andere voetbalclubs in de regio? Nanno veert op: ,,ASC speelt op een nieuw complex, haalt de media volop en is ook nog gepromoveerd, dat alles kan een aanzuigende werking hebben. Ook de aandacht die LeidenAmateurVoetbal nu geeft aan de Klassieke Veteranen kan voor goede voetballers aanleiding zijn zich aan te willen sluiten. Welaan, ze zijn welkom en worden van harte uitgenodigd voor een goed gesprek. E-mail mij maar: [email protected]

De Klassieke Veteranen van ASC ingelijst in Huize Feyenoord, pardon Huize Benninga, met 5 jongens die ook in UVS-3 speelden.

Hoe lang blijft hij zelf nog actief bij de Klassieke Veteranen? ,,Wanneer een held zich meldt, dan heet ik hem met een armzwaai hartelijk welkom en maak ik graag plaats.” Nog een laatste vraag: Door wie worden de Klassieke Veteranen eigenlijk getraind? ,,Dat is scherp van je. Voor het nieuwe seizoen hebben wij nog geen trainer/coach. We hebben wel iemand op het oog, die net als wij bezeten is van voetbal, Gerard Désar, wat zou een weerzien met hem mooi zijn! Gerard heeft een geweldige ervaring in zijn bagage, kan terugkijken op een fantastische voetballoopbaan en is een uitstekende trainer/coach. Hij zou dé man zijn die ons kan laten vlammen in de Wilde Competitie. Gerard woont op loopafstand van ons sportpark, de afstand hoeft dus geen obstakel te zijn.”

Foto’s: Collectie Nanno Benninga

Scans en actuele foto’s: J.P. Kranenburg

‘Voetbal is de saus van mijn leven.’